Latijns-Amerika in Beweging

Cultuur

flickr.com, electricalnews.eu
maandag, 29 september 2014 17:33

Den Haag memoreert Gabriel García Márquez

Door: Bas Dikmans

Een laatste eerbetoon aan ‘Gabo’ in de centrale bibliotheek

Gabriel García Márquez heeft geen introductie nodig. De Colombiaanse schrijver behoort sinds de publicatie van zijn boek cien años de soledad (honderd jaar eenzaamheid) in de late jaren ’60 tot de crème de la crème van de wereldliteratuur. In literair opzicht was Márquez een magisch realist, vanuit politiek oogpunt was hij progressief-links. Op 17 april 2014 overleed de populaire schrijver in Mexico-Stad. 

In Nederland heeft Márquez zich echter nooit in het publiek vertoond, des te specialer was het dat zijn dertien jaar jongere broer, Jaime García Márquez, en zijn biograaf Gerald Martin (in 2010 kwam een biografie over Márquez op de markt), donderdag 25 september naar Den Haag kwamen. In de centrale bibliotheek lieten zij zich interviewen voor een goed gevulde zaal belangstellenden. De avond stond in het teken van afscheid nemen, afscheid nemen van ‘Gabo’, zoals Márquez in de volksmond genoemd werd. “De meeste mensen noemden hem ‘Gabo’”, aldus zijn broer Jaime, “familie en vrienden noemden hem ‘Gabito’”.

De eerste globale romanschrijver
“Gabo zag me nooit met een stropdas”, zo laat Martin weten, terwijl hij enigszins gehaast probeert het object los te maken van zijn nek. Hij en Jaime Márquez kwamen enkele minuten te laat aan in Den Haag. Martin werd namelijk op de heenreis beroofd. “Vanochtend was ik nog een vrije man, ik had een paspoort, een creditkaart en mijn beurs. Nu niet meer”, lacht hij. 

Daarna vertelt hij over zijn eerste ontmoeting met Márquez in Havana. Zelfs een cynische Engelsman als Martin was geïntrigeerd door het karakter van Gabo. “Hij had de droevigste, grootste ogen die ik ooit gezien had”, zo laat hij weten. Volgens Martin was de literaire alleskunner zowel geniaal als openhartig, wat er voor zorgde dat hij een man van het volk werd, een schrijver die tot de verbeelding van iedereen sprak. 

Martin schroomt niet om Márquez ‘de eerste globale romanschrijver’ te noemen. In de tijd dat cien años de soledad uitgebracht werd, bevond de wereld zich midden in de koude oorlog. Márquez was volgens Martin op geen enkele manier een communist, maar hij staat wel even stil bij het feit dat het opmerkelijk is dat een progressief-linkse schrijver in de jaren ’60 en ’70 een dergelijke globale populariteit kon genieten. “Ik denk dat hij literatuur en politiek heel goed gescheiden kon houden”, concludeert hij uiteindelijk, “Gabo was in zijn romans meer geïnteresseerd in de schoonheid van het normale leven, hij speelde met universeel herkenbare thema’s zoals liefde en macht”. 

Liefdesbrieven en magisch realisme 
De meer persoonlijke verhalen moeten van zijn broer Jaime komen, een praatgrage man en een gezelligheidsmens. Zo vertelt hij dat Márquez, terwijl hij zelf in Parijs studeerde, een relatie probeerde te onderhouden met zijn vriendin in Colombia. Hij stuurde vaak brieven voor haar naar Jaime, die de brieven telkens gehoorzaam naar het meisje bracht. “Ik vond het eigenlijk vooral leuk om daarna met haar broers te gaan drinken”. Hij vertelt dat zijn broer de schrijver van de familie was en hijzelf meer de prater, waarna hij aantoont over een typisch Latijns Amerikaans gevoel voor humor te beschikken. “Ik praat meer dan een puta presa (een opgesloten hoer)”, zegt hij lachend.

Jaime herinnert zich nog goed hoe het was om voor de eerste keer cien años de soledad te lezen, het boek waarin Márquez zich liet inspireren door verhalen en plekken uit zijn eigen leven. “Hij stuurde me veel brieven over hoe het boek er uit zou komen te zien, dus ik had al een bepaalde verwachting. Ik verwachtte een revelatie, maar toen ik het boek las merkte ik dat ik er heel veel in herkende”. Jaime wil graag geloven dat zijn eigen verhaal ook terug komt in het boek. Hij werd als baby twee maanden te vroeg geboren, waarna zijn moeder hem in een kartonnen doos legde om hem te verzorgen, een verhaal dat impliciet ook terugkomt in de roman. “Ik werd toen heel snel gezond, eigenlijk is dit ook een vorm van magisch realisme”, zegt hij, met een knipoog naar zijn overleden broer. 

De aanblik van ijs
Op de onvermijdelijke vraag hoe Gabriel García Márquez als schrijver geboren werd moet Jaime alleen maar lachen. “Ik ben dertien jaar jonger dan mijn broer. Toen hij begon met schrijven was ik zeven jaar oud, dus daar kan ik niets over zegen.” Martin wil echter wel een gokje wagen. Hij gelooft dat het zien van ijs de ogen van Márquez opende voor het contrast in de wereld, en daarmee indirect ook voor het magisch realisme. Het antwoord denkt hij te vinden op de eerste bladzijde van cien años de soledad, waarin kolonel Aureliano Buendia zich de dag herinnert dat zijn vader hem meenam om ijs te ontdekken. “Gabo zag als jongen voor het eerst ijs in een aquarium, in een winkel bij hem in de buurt. Hij woonde in het noorden van Colombia, dus de aanblik van ijs moet voor hem een rare gewaarwording zijn geweest.” 

Magazine Alternativa
Ook in politiek opzicht heeft Márquez een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling en de bewustwording van Latijns-Amerika. Hij woonde een tijd lang op Cuba, waar hij werkte voor Prensa Latina, het Cubaanse staatsnieuwsblad. Hij had een hechte relatie met Fidel Castro en er ging een wederzijds respect uit van de twee mannen voor elkaar. “Beiden waren de besten in hun vakgebied op dat moment. Castro op politiek vlak en Gabo op literair vlak”, aldus Martin. 

De twee geïnterviewden kijken terug op de jaren ‘70 als een actieve periode waarin veel linksgeoriënteerde Latijns-Amerikaanse jongeren op zoek waren naar manieren om van zich te laten horen. Uiteindelijk richtte Márquez in 1974 het linkse nieuwsblad Magazine Alternativa op. Jaime blikt hier met weemoed op terug. “Politiek links werd toen gestigmatiseerd en over één kam geschoren met het communisme. Uiteindelijk werd de situatie onhandelbaar. Het had allemaal ook anders kunnen lopen”.

Optimisme over de toekomst 
Op het einde van het interview herinnert Martin zich een gebeurtenis, die er wellicht op duidt dat Márquez niet met zijn jeugdige revolutionaire idealen is gestorven. Een aantal jaren na het vallen van de muur vroeg hij de romanschrijver of hij niet terneergeslagen was na de overwinning van het kapitalisme. “Alles wat gebeurd is, is la historia (de geschiedenis)”, zo zou Márquez koel gereageerd hebben. “ik ben niet bang voor de toekomst. De 21e eeuw zal anders zijn dan alle andere voorgaande eeuwen. De mensheid zal eindelijk zijn weg vinden”.

De avond wordt afgesloten met een kort opgenomen interview met de man zelf. Het was onvermijdelijk dat zijn gezicht en zijn stem deze avond ergens zouden opduiken. Hij praat over een aantal steden waar hij gewoond heeft. “In Mexico-Stad en Barranquilla duurt beroemdheid slechts 24 uur. Daarna herkent niemand me meer”. Wellicht is het deze anonimiteit die hem naar deze steden trok. Wereldwijd zal het nog lang duren voordat men de naam Gabriel García Márquez is vergeten. Echter, dichter dan donderdagavond 25 september in Den Haag, zal het Nederlandse publiek niet meer bij de romanschrijver komen.

Reageer

  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <i> <strong> <b> <cite> <blockquote> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd> <h2> <h3> <h4> <hr>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.

Meer informatie over formaatmogelijkheden

By submitting this form, you accept the Mollom privacy policy.